Blog 'Fleur - het meisje dat van cassettebandjes houdt (2)'

wo 22 februari 2012

Aflevering 2: Robbie

Robbie doet haar denken aan Martijn van Dam, die jongen van de PvdA die ze net bij De Wereld Draait Door heeft gezien. Donker krullend haar, een knap, intelligent gezicht, even over de dertig – heerlijk.
Maar zo bevlogen als die Martijn praatte Robbie afgelopen vrijdag niet, althans niet over politiek. Wel zweette hij even hard, maar dat had Fleur toen niet erg gevonden, want zijn zweet stonk wel lekker.
Charlie, Roos en Fleur waren met Robbie en zijn vrienden naar de opening geweest van 19, de nieuwe pop up club in de Reguliersdwarsstraat waar tout Amsterdam zijn of haar hippe gezicht liet zien, als ze tenminste niet stonden te carnavallen, want tegenwoordig is iedere vijfde persoon die je in de Jordaan of de Pijp tegenkomt een Brabander.
‘Robbie is een paar jaar geleden uitgeroepen tot Jonge Haan,’ had Charlie tegen Fleur gezegd, met haar mond achter de hand waarin ze haar sigaret vasthield.
Fleur wist niet waar die Jonge Haan precies voor stond – laat staan dat ze wist dat het een reclameprijs was – maar ze had zich na het feest zonder veel moeite even over de jonge haan van Robbie ontfermd.
En nu staat hij voor haar deur.
‘Stoor ik?’ vraagt Robbie (leren jackie,sneakers, ijsmuts zwierig op zijn achterhoofd).
Fleur denkt na, terwijl ze zich bijzonder ongemakkelijk voelt en hoopt dat Robbie daar niets van merkt, hoewel ze tamelijk geïrriteerd is dat hij hier zo plotseling is opgedoken.
‘Eh nee hoor. Ik ben net thuis van de sportschool. Maar ik had je... eh... niet echt verwacht ofzo’, antwoordt ze, terwijl ze in haar hoofd snel de status van haar huis probeert te overzien. Ze ontspant een beetje als ze tot de conclusie komt dat het geen extreme puinzooi is en er,  voor zover ze nu kan overzien, geen ondergoed lijkt rond te slingeren op onhandige plekken.
‘Wil je een kopje thee anders?’ vraagt Fleur, nu toch wel blij dat ze haar strakke Björn Borg-sportoutfitje aanheeft, waarmee ze altijd wel weer wat bronstige mannenblikken weet te vangen als ze zich staat uit te sloven bij David Lloyd.
‘Graag,’ zegt Robbie en loopt achter haar de woonkamer in, net zoals hij vrijdag deed, waarna hij haar min of meer direct op haar bank tegen zich aan had getrokken om haar te zoenen en uit te kleden. Nu gaat hij beleefd aan tafel zitten, doet zijn muts af en hangt zijn jack over een stoel.
Fleur ziet, vlak voordat ze zich omdraait om thee te zetten, nog zijn donkere borsthaar vrolijk onder zijn ruitjesoverhemd uitsteken. Ze vraagt zich af op welke arm hij ook alweer een tatoeage heeft en hoe die eruit ziet.
‘Kom je net van je werk?’ vraagt ze en wijst op zijn laptoptas.
‘Ja, moet morgen een presentatie geven aan een nieuwe klant. We hadden nogal een deadline zeg maar,’ antwoordt Robbie.
Fleur heeft het water opgezet in de fluitketel die ze van haar moeder had gekregen toen ze bijna tien jaar geleden op zichzelf ging wonen. Ze gaat tegenover Robbie aan tafel zitten en tast naar een pakje sigaretten.
‘Lekker gesport?’ vraagt Robbie, waardoor Fleur zich direct schuldig voelt over de peuk die ze nu aansteekt.
‘Ja, was heel fijn... Eh, wil jij er ook een?’
‘Nee, dank je. Was eigenlijk gestopt.’
‘Wil je anders een glaasje wijn, in plaats van die thee?’
Robbie fronst zijn wenkbrauwen, ineens lijkt hij een beetje op Colin Farrell.
‘Nee, dank je, Fleur. Ik wil het eigenlijk kort houden.’
‘Aha. Nou, zeg het maar hoor. Ik ben benieuwd.’
‘Ik wilde je het maar even persoonlijk zeggen, want ik vind het best moeilijk enzo.’
Fleur voelt zich verkrampen, wat ze ook altijd heeft als ze Birdy dat liedje Skinny Love hoort zingen.
‘Lieve Fleur, ik weet niet hoe ik het anders moet zeggen. Maar dat van vrijdag...’ Robbie schraapt zijn keel. ‘Dat van vrijdag was eigenlijk maar voor één keer. Ik ben eigenlijk al een tijdje verliefd op iemand anders. Niet dat ze mij echt ziet staan trouwens, maar toch. Hmm, je kent haar natuurlijk. Charlie. Eerlijk gezegd dacht ik dat je dat wel wist.’
Fleur begint te hoesten en wordt getroffen door een pijnscheut. Ze staat vlug op en wendt zich naar de inmiddels fluitende ketel.
Bij het afscheid zegt Robbie nog: ‘Weet je wat een mooi liedje is? Skinny Love...’
‘Van Birdy,’ zegt Fleur.
‘Van Bon Iver,’ zegt Robbie tegelijkertijd.
‘Eh ja,’ antwoordt Fleur.
‘Sorry Fleur,’ zegt Robbie, terwijl hij naar zijn fiets loopt met een krat vol stickers voorop.
Fleur kijkt hem niet na in de deuropening, maar zoekt binnen op YouTube een clip op van Whitney Houston. En terwijl ze I Will Always Love You meezingt, voelt het alsof ze in real life door iemand is unfriend.

Dit is het tweede deel van een wekelijks feuilleton rondom het Amsterdamse meisje Fleur en haar hectische leven in de hoofdstad.

Meer blogs

Fleur - het meisje dat van cassettebandjes houdt (1)

‘Mannen zijn feitelijk niet meer nodig, als je er over nadenkt. Dat moet je gewoon onthouden als je hem weer ziet,’ zegt Charlie tegen Fleur.

Whitney & Bobby

Eigenlijk had ik gehoopt dat er een rehabilitatie mogelijk zou zijn geweest – een schitterende, werkelijk glorieuze comeback waarmee ze in één keer de last van ruim tien jaar tegenslag en teloorgang van zich af zou kunnen werpen.

De wereld in 2019

Deze dag vertoont in zijn fletse, maartse licht een gelijkenis met die van vandaag, maar toch is het onmiskenbaar de dag van morgen.

De laatste videotheek

Aan de Westerstraat in Amsterdam, tussen de Albert Heijn die nooit komkommer in voorraad heeft en Café Nol waar yuppen en Jordanezen een pact van bier hebben gesloten, ligt Videoland

twitter facebook linkedin rss

Maurice Seleky boeken? Klik hier!